Bedrijfsopvolgingsregelingen voor exploitatie onroerende zaken mogelijk

Op 15 april 2016 heeft de Hoge Raad bepaald dat de bedrijfsopvolgingsfaciliteiten ook kunnen gelden voor de exploitatie van onroerende zaken.

De bedrijfsopvolgingsfaciliteiten voor de schenk- en erfbelasting houden in dat schenking of vererving van ondernemingsvermogen tot een bedrag van € 1.060.298 geheel is vrijgesteld en het meerdere dat wordt verkregen voor 83% is vrijgesteld. In de meeste situaties zal de exploitatie van de onroerende zaken aangemerkt moeten worden als normaal vermogensbeheer en dus niet als het drijven van een onderneming. De bedrijfsopvolgingsregeling geldt echter alleen voor ondernemingsvermogen en dus moet er sprake zijn van het drijven van een onderneming.

De Hoge Raad was van mening dat hieraan werd voldaan omdat er in de betreffende casus sprake was van een zeer omvangrijke (deels gefinancierde) onroerendgoedportefeuille van 350 objecten met bijna 900 huurcontracten en een waarde van ongeveer € 435.000.000. Ook waren er zestien personen werkzaam. Het gemiddelde rendement dat werd behaald, bedroeg 20%. Het Hof was eerder al van mening dat er sprake was van een onderneming in materiële zin. Dit omdat er een duurzame organisatie van kapitaal en arbeid bestond die deelnam aan het maatschappelijke verkeer met het oogmerk om winst te behalen. Omdat tevens een hoger rendement werd beoogd (en behaald) in vergelijking met normaal vermogensbeheer, was er sprake van het drijven van een onderneming.